Vriendschap bij kinderen

Groeimee: vrienden

Samen lachen, ervaringen delen, elkaar helpen en troosten, op uitstap gaan, … Vrienden vormen een ongelooflijke bron van plezier en steun doorheen ons leven. Ook voor kinderen is vriendschap belangrijk. Bij jonge kinderen hebben vrienden een andere betekenis dan bij pubers. Hier kom je meer te weten over hoe vriendschap ontwikkelt, wat je als ouder kan doen wanneer je kind verlegen is, moeilijk vrienden maakt, met de ‘foute’ vrienden optrekt, …

Wat is vriendschap?

Bij jonge kinderen zijn vriendschappen eerder oppervlakkig en tijdelijk. Hoe ouder een kind wordt, hoe belangrijker vrienden worden. Voor jongeren is een vriend/vriendin iemand met wie je alles kan delen, op wie je kan rekenen, en voor wie je ‘door het vuur gaat’. Hieronder lees je per leeftijdscategorie wat vriendschap voor een kind betekent.

Peuters

In de peuter- en kleuterleeftijd gaan heel wat jonge kinderen contact zoeken met leeftijdsgenootjes. Met twee spelen is immers vaak leuker dan alleen. Als je goed kijkt, zie je dat peuters die samen spelen, dat meer ‘naast elkaar’ dan ‘met elkaar’ doen. Ze zijn met hetzelfde spel bezig en doen elkaar na, maar houden nog weinig rekening met elkaar. Ze zijn nog erg op zichzelf gericht en kunnen zich nog niet inleven in andermans gevoelens, gedachten of bedoelingen. Peuters kunnen daarom soms ongevoelig reageren tegenover anderen, bijvoorbeeld door een ander kind een duw te geven om een stuk speelgoed te bemachtigen. 

Kleuters

Vanaf de kleuterleeftijd kunnen we voorzichtig spreken van ‘vriendschappen’. Die zijn vooral gebaseerd op aantrekkingskracht: kleuters kiezen speelgenootjes uit bij wie ze zich veilig en comfortabel voelen. Een vriend is iemand die aardig tegen je is en met wie je leuk kunt spelen. Dat kan vandaag Anke zijn, maar volgende week misschien Milan. Kleutervriendschappen zijn eerder van korte duur. Kleuters zullen dan ook weinig of geen verdriet hebben als een vriendje naar een andere klas gaat of verhuist. 
De blijft eerder beperkt tot ‘samen dingen doen’ en ontstaat vaak door praktische omstandigheden: kinderen ontmoeten elkaar in de klas, in de speeltuin of op de bus. Kleuters maken ook vaak de afweging of het andere kind hen iets kan bieden, bijvoorbeeld een stuk speelgoed of een lekker koekje. 

Lagere schoolkinderen

In de lagere schoolleeftijd gaan kinderen leeftijdsgenoten opzoeken die op hen gelijken. Kinderen die bijvoorbeeld tegen alle regels ingaan, zoeken elkaar als het ware op. Hetzelfde geldt voor kinderen die bijvoorbeeld eerder rustig van aard zijn. Maar ook het omgekeerde kan waar zijn: tegenpolen trekken elkaar soms aan. Ook ‘gedeelde interesses’ worden steeds belangrijker. Heel wat lagere schoolkinderen zullen daarom vaker optrekken met leeftijdsgenoten van hetzelfde geslacht. Meisjes willen graag vriendinnen met wie ze kunnen praten en geheimen delen. Elkaar kunnen vertrouwen en troosten is belangrijk. Jongens willen eerder in grotere groep spelen en willen actief dingen ‘doen’. Ze zoeken competitie op en willen zich tegen elkaar meten in uitdagingen als ‘wie kan het snelste rennen’ of ‘wie kent het meeste scheldwoorden’. Maar natuurlijk zijn er ook meisjes die liever met jongens spelen, en andersom. 
Tijdens de lagere schoolperiode worden vrienden een teken van ‘erbij horen’ en ‘aanvaard worden’. Vriendschap wordt exclusiever: je bent niet zomaar met iedereen vrienden. Naast ‘samen dingen doen’ houdt vriendschap nu ook een emotionele band in. Roddelen, afwijzing en snel wisselende ‘beste vrienden’ kunnen dan ook hevige gevoelens met zich meebrengen, zeker bij meisjes. Tegen het einde van de lagere school is meestal duidelijk ‘wie bij wie hoort’. Vrienden worden een belangrijke motivatie om naar school te gaan. 

Jongeren

Voor jongeren vormen vrienden vaak de belangrijkste personen in hun omgeving. Waar volwassenen hen nog vaak ‘als kind’ behandelen, staan ze met hun vrienden op gelijke voet. Vriendschappen worden dikwijls gevormd doordat jongeren dezelfde smaken, interesses, voorkeuren of meningen hebben.
Heel wat jongeren trekken met hun vrienden ‘in kliek’ op. Ze spreken samen met hun vriendengroep af om te gaan winkelen, eten, sporten, uit te gaan, … Vaak hebben jongeren ook één of een paar boezemvrienden bij wie ze te allen tijde terecht kunnen. Anders dan bij lagere schoolkinderen, hebben beste vrienden een speciale band die gekenmerkt wordt door intimiteit en gelijkwaardigheid. Vriendschap bij jongeren draait om wederzijds vertrouwen en steun, elkaar aanvaarden zoals je bent, en kunnen praten over alledaagse en intieme zaken. 

Hoe belangrijk zijn vrienden?

Basisbehoefte

Elk kind beleeft vriendschap op een andere manier. Wel heeft ieder kind de basisbehoefte om iets te delen of om zichzelf terug te vinden in een ander. Vriendschap bevordert ons welbevinden: uit hersenonderzoek blijkt dat we van vrienden blij worden. Kinderen die vrienden hebben, kunnen beter om met belangrijke veranderingen in hun leven zoals een scheiding of een verhuis. Uit onderzoek in Nederland blijkt dat kinderen die minstens één vriend hebben in de klas, minder stress ervaren dan kinderen die geen vriendjes hebben in de klas. 

Sociale leerschool

Hoewel kindervriendschappen vaak nog erg tijdelijk zijn en snel wisselen, zijn ze wel belangrijk. Door vriendschappen aan te gaan, komt een kind in contact met verschillende karakters en leert het hoe het met anderen kan omgaan. Vriendschappen vormen als het ware een ‘sociale leerschool’ waar kinderen samen regels en normen aftasten en heel wat vaardigheden oefenen: delen, een eigen plekje veroveren, gevoelens leren herkennen en hanteren, compromissen sluiten, zich aanpassen aan anderen, grenzen leren trekken, … Kinderen kunnen uitproberen hoe ze vrienden maken, en ook hoe ze die houden. Want als je met iemand vrienden wil blijven, dan kan je best even hulpvaardig, eerlijk en lief zijn als die ander.

Plezier en troost

Maar vriendschap moet zeker niet enkel gezien worden als een oefening voor later. Vrienden vormen voor kinderen een bron van ongelooflijk plezier. Vrienden zijn speelkameraadjes met wie je samen lacht, leuke dingen doet, ondeugendheden uitsteekt, ervaringen deelt,… En vrienden steunen je of bieden troost als je het moeilijk hebt. 

Wat kan je doen?

Als je kind weinig vrienden heeft

Maak je geen zorgen wanneer je kind een keertje alleen staat, bijvoorbeeld op de speelplaats. Sommige kinderen willen liever eerst de kat wat uit de boom kijken voor ze actief meedoen. Andere kinderen willen soms gewoon een moment uitblazen of rustig op zichzelf zijn. 
Heeft je kind maar één of een paar vrienden? Wees gerust: het gaat niet alleen om hoeveel vrienden, maar zeker ook om de kwaliteit van de vriendschap. Waar het ene kind een groot aantal oppervlakkige vriendschappen heeft, kiest het andere kind voor één of twee echte boezemvrienden. 
 
Meestal geeft je kind zelf heel goed aan of het de behoefte heeft aan vrienden of niet. Merk je dat je kind helemaal geen vrienden heeft, en maak jij je daar zorgen over? Praat er dan over met je kind. Hoe voelt hij/zij zich hierbij? Vindt hij dat jammer, voelt hij zich eenzaam? Of is het voor je kind best oké en is hij graag op zichzelf? Als je kind er zich slecht bij voelt en graag een vriend(in) wilt, dan is het belangrijk om na te gaan wat er moeilijk loopt. Heeft hij schrik om anderen aan te spreken, wordt ze gepest, voelt hij zich niet goed in z’n vel, wordt ze snel kwaad of agressief, …? 

Als je kind verlegen is

Sommige kinderen maken gemakkelijker vrienden dan andere. Als je kind verlegen is, durft hij/zij misschien niet aan leeftijdsgenoten vragen of ze samen willen spelen of afspreken. Het is belangrijk dat je je kind niet dwingt om vrienden te maken. Je helpt je kind niet wanneer je hem/haar naar andere kinderen duwt. Probeer in plaats daarvan je kind aan te moedigen en zijn/haar zelfvertrouwen te stimuleren, net zolang tot hij/zij zelf genoeg moed heeft verzameld. 
 
Toon begrip dat iemand aanspreken die je (nog) niet goed kent, niet altijd gemakkelijk is. Het is best spannend. Soms loopt het niet zoals je zou willen. De ander is misschien niet geïnteresseerd of je komt toch niet zo goed overeen als gedacht, … Stel je kind gerust door uit te leggen dat iedereen dat weleens voorheeft. Toon je kind dat er heel wat momenten en plaatsen zijn om andere kinderen te leren kennen: in de klas, in de speeltuin, op straat, op kamp, … Je kan je kind helpen door vooraf samen te bekijken met wie het graag zou spelen/afspreken, wat ze zoals samen zouden kunnen doen, en met welk zinnetje hij/zij die persoon kan aanspreken. Bij jonge kinderen kan je eventueel zelf ouders van leeftijdsgenootjes aanspreken en een speelafspraakje maken om je kind op weg te helpen.

Als je kind sociaal minder vlot is

Sommige kinderen zijn minder vlot in de omgang en missen een aantal sociale vaardigheden. Ze kunnen zich bijvoorbeeld niet goed inleven of zien niet wat hun gedrag bij anderen teweegbrengt. Er zijn heel wat manieren om de sociale vaardigheden van je kind te stimuleren: via boeken, een cursus, samen rollenspellen oefenen,... Je kan bijvoorbeeld een verhaal vertellen/voorlezen over een sociale situatie (vb. een ruzie) en nadien met je kind bespreken wat de verschillende personages volgens hem denken/voelen/willen, en hoe jouw kind de situatie zou oplossen. Geef je kind leer- en groeikansen, maar maak ook duidelijk dat je vertrouwen hebt in zijn/haar kunnen.

Als je kind een eerste speelafspraak heeft

Gaat je kind ergens anders spelen of komt een vriendje voor het eerst bij jullie thuis spelen? Blijf even in de buurt totdat de eerste nieuwigheid eraf is. Hoewel de kinderen elkaar misschien kennen, zijn het huis, het speelgoed en eventuele broertjes of zusjes nieuw. Het werkt doorgaans het best als speelafspraakjes niet te lang duren en gepland zijn op een rustige dag. Met elkaar spelen kost immers veel energie. Komt er ruzie van, tranen of verveling? Dat kan best en vormt ook een leermoment voor de kinderen. Praat samen over wat er mis ging en hoe ze het weer kunnen goedmaken. 

Als je kind met ‘foute vrienden’ omgaat

Misschien maak je je zorgen over de negatieve invloed die bepaalde vrienden kunnen hebben op je kind. Als je kind kiest voor ‘foute vrienden’, dan kan je daar als ouder eigenlijk weinig aan veranderen. Straffen, verbieden of preken gaat waarschijnlijk een averechts effect hebben, zeker bij pubers. Je kan je kind enkel stimuleren en op weg helpen. Je kind kiest zijn vriend(en) ook niet zomaar: er is duidelijk iets aan die persoon dat je kind aantrekt. Probeer daar interesse voor te tonen: waarom vind je kind die jongen/dat meisje leuk? Misschien is het de ideale kompaan om grenzen mee uit te testen, om zichzelf te ontdekken? Door die vriend(in) ook eens thuis uit te nodigen, leer jij hem/haar beter kennen en zie je hoe jouw kind omgaat met die ‘foute invloed’. Misschien is je kind daar beter tegen bestand dan je dacht? En als je toch bezorgdheden hebt, dan heb je door interesse te tonen alvast de kans vergroot dat je kind voor jouw bedenkingen openstaat. 

Als je kind veel online vrienden heeft

De meeste kinderen en jongeren vandaag beleven een stuk van hun vriendschappen digitaal: sms’en, WhatsApp, facebook, gamen… Hoewel digitale vrienden natuurlijk niet hetzelfde zijn als ‘echte’ vriendschappen, hebben ze toch wat te bieden. In een online omgeving kan iedereen, ook wie wat minder zelfvertrouwen heeft, naar hartenlust contacten leggen. Je omzeilt er immers een aantal uitdagingen: je moet de ander niet in de ogen kijken, je hebt meer tijd om een antwoord te bedenken, je uiterlijk speelt geen rol, …  Op die manier vormt de digitale wereld een gemakkelijkere en veiligere plaats om te experimenteren met sociaal gedrag. Het is niet vreemd dat kinderen en jongeren die kansen met beide handen grijpen. Wel is het belangrijk dat een kind naast digitale vrienden ook ‘offline’ contact blijft maken met leeftijdsgenoten. Op de website van Child Focus kan je zoon/dochter zelf lezen wat de verschillen zijn tussen ‘online’ en ‘offline’ vrienden.

Meer weten?

Websites voor ouders

Boeken voor ouders

 
maandag, juni 23, 2014 - 18:22

Reageer

By submitting this form, you accept the Mollom privacy policy.

Ondersteuning in je buurt

Zoek je steun bij het opvoeden van kinderen? Je kan ook in je eigen buurt terecht. Zoek hieronder via postnummer.

Zoek