Fantasiespel

‘Jij bent ziek en ik ben de dokter en dan geef ik je een spuitje’. Peuters en kleuters ontdekken volop de wereld. Fantasiespel speelt daarin een grote rol. Wat leert je kind allemaal tijdens het fantasiespel? En hoe geef je als ouder je kind volop de kans zijn fantasie de vrije loop te laten?

Wat is fantasiespel?

‘Jij bent ziek en ik ben de dokter en dan geef ik je een spuitje’. Peuters en kleuters ontdekken volop de wereld. Fantasiespel speelt daarin een grote rol. Het ‘doen alsof’ geeft hen grip op de wereld. Niet zelden hoor je een mini-versie van jezelf weerspiegeld in het gesprekje met de pop of de vriendjes. Of je herkent de gebeurtenissen van de afgelopen dagen in het spel: een bezoekje bij de dokter, de valpartij met de fiets of de nieuwe meester in de klas.

Het fantasiespel evolueert van eenvoudige situaties nabootsen naar meer complexe verhalen. En van alleen spelen evolueert het tot andere kinderen betrekken bij het spel. 

Hoe belangrijk is fantasiespel?

Dit fantasiespel biedt ongelooflijk veel mogelijkheden. Het is boeiend en uniek. De onvoorspelbaarheid zorgt ervoor dat alles in het spel anders kan lopen dan in het echte leven.

Dat maakt het niet alleen leuk, het is ook een belangrijke stap in de ontwikkeling van je kind. Eerst komt het imitatiespel (ongeveer rond de leeftijd van 18 maanden). Je kind bootst je na: het roert in de pan, laat de pop drinken, kruipt achter het stuur van een denkbeeldige auto. Stilaan breidt dit uit naar echt fantasiespel. Situaties worden complexer: ‘papa’ geeft ‘baby’ een flesje, doet een verse luier om, stopt het kind in bed en troost het als het huilt. Je kind heeft geleerd dat mensen en dingen blijven bestaan, ook al zie je ze niet meer (dit noemt men objectpermanentie). Dit besef laat toe dat er denkbeeldige situaties ontstaan en dat een kartonnen doos de ene keer een auto of boot wordt, de andere keer de winkelkar of de slaapkamer voor de pop. Door situaties na te spelen uit de directe leefwereld, leert je kind stap voor stap hoe de wereld in elkaar zit.

Je kind oefent ondertussen ook met taal: het steekt vaak een hele dialoog af tegen de pop of tegen zichzelf. Laat je kind op zulke momenten lekker brabbelen, ook als het woordjes verkeerd uitspreekt. Je kind experimenteert met zijn woordenschat en is tegelijk bezig met het verwerken van alle spannende dingen die in een dag gebeuren.

Fantasiespel leert je kind de wereld te begrijpen

Na verloop van tijd (rond de leeftijd van 2 jaar) mogen ook andere kinderen meespelen. Dan komt de fantasie aan bod in rollenspelen. Hier wordt druk geoefend met sociaal gedrag! Je zal merken dat kinderen op voorhand een situatie uitdenken: ‘Ik ben de mama en jij de papa en dan gaan we samen boodschappen doen’. Ook emoties komen langs: ‘En toen moest je heel hard lachen en was je niet meer boos’.

In deze fase evolueren ook de angsten. Je kind maakt nog moeilijk onderscheid maken tussen werkelijkheid en fantasie, en kan bang zijn voor zijn eigen bedenksels of bepaalde spelsituaties. Monsters onder het bed zijn voor je kind helemaal echt. En ook met een mond vol kruimels zeggen dat hij ‘echt, echt niet’ geproefd heeft van de cake maar dat het zijn denkbeeldig vriendje was, is voor je peuter realiteit. Een groot verschil met liegen, waar je kind zich bewust is dat hij iets vertelt wat niet waar is.

Vanaf de kleuterleeftijd worden verhalen ingewikkelder en situaties nog complexer. Vaak staat het verhaal in het spel verder af van de directe leefwereld: ridders en kastelen, boeven en gevangenissen,… Bekende elementen vermengen zich met verhalen uit boeken of filmpjes. Je kind past zijn taalgebruik aan aan degene tegen wie hij praat: eenvoudige zinnetjes tegen de ‘baby’, langere zinnen tegen de ‘mama’. Het oefent met waarden en normen: het ‘kind’ krijgt een uitbrander omdat het iets verkeerds doet, ‘papa’ troost na een val of geeft een dikke duim: ‘flink hoor’. Dit noemt men socialisatie: je kind oefent met omgangsvormen en hoe de maatschappij verwacht dat we ons gedragen.

Vanaf de lagere schoolleeftijd verdwijnt het fantasiespel wat meer naar de achtergrond en eist de werkelijkheid meer aandacht op. 

Wat kan je doen om dit fantasiespel te stimuleren?

Speel mee met je kind

Maak tijd om samen met je kind te spelen. Laat je werk, gsm en andere afleiding bewust aan de kant en laat je leiden door je kind. Hij of zij bepaalt de lijnen van het verhaal, jij bent gewillig ‘baby’ of ‘prinses’ of ‘ridder’.

Geef het goede voorbeeld

Neem eens een andere weg naar school of bakker en kijk samen verwonderd om je heen naar de nieuwe omgeving. Zoek gekke dieren in de wolken. Laat je kind kiezen hoe je een vrije dag doorbrengt. Doe eens gek: eten op een ongewone plek, dansen in de regen, draai de dag om en eindig ’s avonds met het ontbijt.

Laat je kind vrijuit babbelen

Fantasiespel is goed voor de taalontwikkeling. Laat je kind er maar op los praten en verbeter hem niet. Je kan wel het juiste woord of een goede zinsbouw gebruiken in je antwoord: ‘En toen zwemde ik naar de overkant’ kan je beantwoorden met ‘Ja ik zwom dapper naast je mee’. Zo hoort je kind het juiste woord en heeft het toch niet het gevoel dat het iets verkeerds zei.

Geef de ruimte

Letterlijk: zorg voor een plaats in huis en buiten waar je kind zijn gang kan gaan. En ook figuurlijk: wees niet te bang dat je kind te ver mee gaat in zijn fantasie. Ok, een kind met een erg levendige verbeelding moet je er misschien wel eens op wijzen dat heksen niet echt op een bezem vliegen als het de bovenste trap wil gebruiken als vertrekpunt, maar meestal loopt het echt zo’n vaart niet!

Ga op zoek naar kosteloze materialen

Een keukentje, verkleedkleren of een werkbank: er is heel wat speelgoed dat aanzet tot fantasiespel. Kies voor speelgoed dat nog vrijheid biedt om alles te worden wat in het spel past. Maar het kan ook eenvoudiger en goedkoper. Oude lakens worden een hut; de winkelrekken kan je vullen met stenen, schelpen en dennenappels; potten, pannen en houten lepels tover je om tot muziekinstrumenten. Buiten kan je bouwen en spelen met planken, takken, autobanden en een stuk touw.

Voorlezen en verhaaltjes vertellen

Ga op zoek naar (voorlees)boekjes waarin fantasie een rol speelt. Over ridders en draken, over monsters en prinsessen. Er zijn ook boekjes over wat je allemaal kan doen met een doos. Of kies ervoor om samen een verhaaltje te bedenken voor het slapengaan. Alles kan, alles mag en je kind geniet van een verhaaltje op maat.

Meer weten?

Boeken voor ouders

Wissenburg, T, (1995) 'Kinderen en hun spel'. Uitgeverij Christofoor

Over de ontwikkeling van het spel van kinderen tot 5 jaar.

Boeken voor kinderen

Flyte, M. (2015) 'Doos' . Gottmer Uitgevers Groep b.v. 
 
'Doos' is een bijzonder prentenboek dat er uit ziet als een... doos! Over spelen, creativiteit en je fantasie gebruiken. Wat zou jij doen met een lege kartonnen doos? Een boek met doorkijkjes, flapjes en twee grote uitklappers achterin.
 
de Jong, A. (2008) 'Dit is geen doos' . Lannoo
 
Een heel eenvoudig boek over wat je allemaal met een doos kan doen. Prikkelt de fantasie van peuters en kleuters.
 
Yoshitake, S. (2016) 'Is het een appel?'. Van Goor
 
Een appel als voetbal, wereldbol, ijsje,... Of wil de appel een kapsel? Of misschien wel helemaal iets anders zijn? Een boek om te fantaseren en te filosoferen.
 
Boomsma, C. (2015) 'De Verhalenheks'. De Vier Windstreken
 
De verhalenheks is een boek over verbeelding. Wie achter de kleine dingen kan kijken ziet en hoort overal verhalen over de onzichtbare wereld van elfjes, vliegende dieren en vergeten prinsessen. 

 

vrijdag, augustus 11, 2017 - 16:21

Reageer

By submitting this form, you accept the Mollom privacy policy.

Ondersteuning in je buurt

Zoek je steun bij het opvoeden van kinderen? Je kan ook in je eigen buurt terecht. Zoek hieronder via postnummer.

Zoek